Mijn moeder en haar dingetjes

Mijn moeder is al lang niet meer onder ons. Maar ik denk nog dagelijks aan haar. Ik was onlangs wat oude foto’s waar ze opstond aan het bekijken, en in sneltreinvaart kwamen de herinneringen uit mijn jeugd binnengevlogen. Vooral goede herinneringen. Mijn moeder was heel lief en vriendelijk en soms ook erg grappig. Ze had gevoel voor humor. Harpen, violen en gitaren als ik nog wel eens aan bepaalde situaties moet terugdenken. Maar er waren ook dingetjes. Voor mij, als adolescent, soms best wel lastige dingetjes

roy rogers

Spijkerbroeken bijvoorbeeld. In mijn tijd was het merk Roÿ Roger’s erg populair onder de jongelui en hippies. Ik vond het een stoer merk. Vooral dat driehoekje op de rechter kontzak vond ik super stoer. Ik wilde ook zo’n broek en dan het liefst in de uitvoering met de wijde pijpen. Want anders hoorde je er niet bij. Na lang gezeur kreeg ik mijn moeder eindelijk zover dat we op een dag naar de Boekhorststraat in Den Haag zijn getogen. Naar een winkel die gespecialiseerd was in het merk Roÿ Roger’s. Bij binnenkomst zag ik mijn broek al liggen. In het vak met de wijde pijpen. Maar dat feest ging niet door. Mijn religieuze moeder vond die wijde pijpen helemaal niets. Té modern. En zo stond ik een kwartier later buiten met mijn nieuwe jeans. Een echte Roÿ Roger’s weliswaar – inclusief het stoere driehoekje – maar dan met smalle pijpen. Ik zei nog tegen mijn moeder dat ik het een nichten-broek vond maar onmiddellijk corrigeerde ze mij: ‘Let op je taalgebruik, jongen!’

puch maxi

En dan de Puch-kwestie, ook al zo’n dingetje. Ik wilde graag een stoere brommer dus een Puch met een hoog stuur natuurlijk. Want daar kon je meisjes mee versieren. Die klommen dan maar al te graag bij je achterop en daar kon je dan stoer mee door de straten van Den Haag scheuren. Zonder een Puch met een hoog stuur hoorde je er gewoon niet bij. Maar ook dit liep anders. Mijn lieve moeder was het met me eens dat ik me op een brommer moest kunnen verplaatsen. En een Puch zou het worden. Maar niet de Puch die ik wilde. Nee, mijn moeder had een andere brommer op het oog. Wel van hetzelfde degelijke Duitse merk, maar in een iets andere uitvoering. Het werd een hagelnieuwe Puch-Maxi. Kleur metallic paars. En met een laag stuur. Ik zei nog tegen mijn moeder dat ik het maar een brommer voor bejaarde wijven vond maar onmiddellijk corrigeerde ze mij wederom: ‘Let op je taalgebruik jongen!’ De schat. Overigens heb wel een Puch met een hoog stuur kunnen bemachtigen. Maar die moest ik dan stiekem parkeren in de kelderbox van een schoolvriend. Ik reed met de Puch-Maxi naar die vriend, ruilde daar de oude wijven brommer om voor de echte Puch. Iedereen blij. Het is maar goed dat mijn moeder het niet heeft geweten.

naaktmodel

En dan de kunstacademie. Alweer zo’n dingetje. Daar wilde ik na de middelbare school naartoe. Maar mijn moeder vond dat geen goed plan. Want daar moest je naaktmodellen tekenen en dat was niet goed voor een jonge Haagse knaap. Daar kwam volgens haar alleen maar losbandige ellende van! Ik heb lekker toch stiekem schilderen geleerd van een bekende Haagse kunstenaar die een straat verder woonde. En op mijn 15e had ik al meer bloot damesvlees in levende lijve mogen aanschouwen dan mijn onschuldige moeder in heel haar leven. Met eeuwige dank aan de kunstenaar maar vooral aan mijn toenmalige buurmeisje van achttien jaren fris en fruitig. Zij heeft mij letterlijk alle hoeken van de kamer laten zien. Wat een feest! Experimenteren noemden we dat. Je wordt er niet slechter van, wel een stuk blijer. Tenminste ik wel.

Maar ondanks de dingetjes van mijn moeder, kijk ik terug op een fijne jeugd. Mijn moeder was een schat. Ze is in mijn armen gestorven. In een verzorgingstehuis waar het vooral stonk. Een trieste omgeving. Ik hoop dat de hemel, waar zij zo oprecht in geloofde, toch een beetje bestaat. En dat ze het daar goed heeft. Ze heeft het verdiend.

Dag lieve Ma, ik mis je nog regelmatig …

PS: Op de foto staat mijn charmante moeder met met mijn halfzussen Alie, Annie en Cor Spaans. Die zijn inmiddels helaas ook gaan hemelen. Ik ben een nakomer uit haar tweede huwelijk met mijn Pa, Leendert de Jager. Dat is overigens ook de naam die in mijn paspoort staat. Een kolere naam vind ik, een naam voor een boerenzoon of zo, daarom heet ik overdag ook bewust Leo. Of voor de intimi . En voor mijn neven en nichten gewoon Lootje.

 

Advertenties

Over leodejagerblog

Photographer, painter, musician, blogger
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

4 reacties op Mijn moeder en haar dingetjes

  1. Rob Alberts zegt:

    Wat een mooi, lief en genuanceerd eerbetoon aan je moeder.

    Vriendelijke groet,

  2. Hartverwarmend, persoonlijk en wonder mooi geschreven. Je verhalen kende ik al uit je mond. Geschreven zijn ze een beleving die me in mijn hart raken. Dank je wel 4ever.

  3. Wonderschoon verhaal van een zoon naar zn moeder. Warmte en genegenheid ondanks die ‘dingetjes’zoals jij dat verwoord. Geweldig jochie. Ik vind trouwens Leo een stoere naam. Je zou trouwens met die wijde pijpen en Puch MET hoog stuur niet tot mijn vriendjeskring behoord hebben…Dát waren Dijkers en wij, de zgn intellectuele rooie, waren pleiners…hahahaha Had je ook een brylcreemkuif? God wat zouden we nu kunnen lachen gabber. Nu even terug naar je ouders…Wat mij nog steeds raakt is dat bijzondere artikel wat je , jaren geleden, over vader de Jager schreef,,Niet minder ontroerend en met een groot empathisch vermogen.
    Dank lieverd, je maakt mijn weekend.

Dank voor uw reactie!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.